Frans (81) krijgt begin 2018 te horen dat hij hoge urinewegtumoren heeft. Twee pogingen om de tumoren weg te halen mislukken. In een specialistisch ziekenhuis lukt het uiteindelijk wel. Regelmatige controles blijven nodig om te bewaken dat de kanker niet terugkomt.

“Het gaat op dit moment heel goed met mij. Ik ben weer helemaal de oude”, vertelt Frans. “Ik ondervind geen enkel gevolg meer van de kanker of de vele en zware behandelingen. Na de chemospoelingen heb ik alweer twee controles gehad. Ik hoef nu nog maar twee keer per jaar gecontroleerd worden. Dat is een goed teken en zorgt bij mij zeker voor opluchting. Want het betekent dat er bij de laatste controles niets naars gevonden is. Het betekent dat ik ‘schoon’ ben.”

Het grootste deel van het jaar wonen Frans en zijn vrouw in Frankrijk. Daar bezoekt hij september 2017 zijn huisarts vanwege buikpijn. Hij wordt doorverwezen naar een ziekenhuis. Naar een maag-darm-leverarts. De arts denkt dat Frans leidt aan een spastische darm. Inmiddels is de pijn verdwenen. Toch blijk uit bloed- en urineonderzoek dat er iets niet in orde is met Frans’ nierfunctie: zijn kreatininewaarde is te hoog. Kreatinine is een afbraakproduct dat via de urine uit het lichaam wordt afgevoerd. De arts adviseert Frans ernaar te laten kijken. Het heeft geen haast. Het kan wachten tot de eerstvolgende keer dat hij in Nederland is.

Verder onderzoek

Begin 2018 laat de Nederlandse huisarts van Frans opnieuw bloed- en urineonderzoek doen. “Ook werd er een echo van mijn nieren gemaakt. Mijn huisarts liet me meekijken op zijn scherm toen hij op de echo een stuwing zag. Hij stuurde me daarom door naar de afdeling urologie van een regionaal ziekenhuis.” Urologie is het vakgebied dat zich bezighoudt met problemen van de urinewegen en mannelijke geslachtsorganen.

De uitslag van verschillende vervolgonderzoeken is niet geruststellend: Frans’ rechternier werkt al langere tijd niet meer. De nier moet als verloren beschouwd worden. En in de linkernier wordt een kwaadaardige tumor van enkele centimeters groot aangetroffen. De tumor moet verwijderd worden. Maar twee pogingen daartoe in een regionaal ziekenhuis, mislukken. De uroloog stuurt Frans daarom door naar het Amsterdam UMC. Dit ziekenhuis is expert in het behandelen van hoge urinewegtumoren.

Opname en operatie

“Al snel kreeg ik daar een gesprek met twee artsen. Er volgden meerdere operaties waarbij de tumor uit mijn linkernier werd verwijderd. Ook mijn hele rechternier en de urineleider van de rechternier naar de blaas, werden weggehaald. De rechternier werkte niet meer doordat de urineleider geblokkeerd was. Door dezelfde soort tumor als in mijn linkernier. Gelukkig gaf de arts aan dat de werking van mijn linkernier heel goed was. Dat gaf mij veel vertrouwen voor de toekomst. Bovendien voelde ik mij in goede handen: ik was terechtgekomen in een goedlopende machine van vakbekwaam, hartelijk en meelevend medisch personeel. De communicatie was prima en ik kreeg alle aandacht.”

Katheter

Als Frans na de eerste operatie wakker wordt, is er een dubbel J-katheter ingebracht. Dit is een dunne slang die via de plasbuis in de buik wordt gebracht. Aan beide uiteinden van de slang zit een krul. In beide krullen zitten gaatjes om de urine af te voeren. Eén krul komt in de nier te liggen, de andere krul ligt in de blaas. Hierdoor kan de urine van de nier naar de blaas lopen en via het katheter weer uit de blaas, zonder dat de patiënt hoeft de plassen. “De katheter moest ik ongeveer twee weken inhouden. Toen werd de katheder onder plaatselijke verdoving weer verwijderd. Het dragen van de katheter met wisselzak waarin de urine wordt opgevangen, vond ik best vervelend. Maar het was ook weer geen ramp. En het voordeel is dat je daardoor sneller weer naar huis mag en mobiel bent.”

Regelmatige controles

We zijn inmiddels ruim drie jaar verder. In deze drie jaar heeft Frans ieder kwartaal controle gehad, waarbij alles wordt ‘nagekeken’. Dat gebeurt onder volledige narcose. Je moet volledig stil blijven liggen tijdens het onderzoek. Niet alleen de geopereerde nier, maar ook de urineleider en de blaas worden gecontroleerd. In Frans’ geval duurt zo’n narcose meestal van een half uur tot iets meer dan een uur.

Bij deze vorm van kanker is de kans best groot dat het weer terugkomt. Wanneer er tijdens een controle nieuwe tumoren worden gevonden en deze zijn niet heel groot, dan worden ze meestal meteen verwijderd. Soms moet je dan nog een nacht in het ziekenhuis blijven.

Het is ook mogelijk dat de kanker weer terugkomt op een andere plek. Vaak is dit dan in de blaas. Dit is ook het geval bij Frans: “Tijdens een controle in de zomer van 2020 werd er kanker in mijn blaas gevonden. Het waren dezelfde hoge urinewegtumoren als in mijn nieren en urineleiders waren gevonden. De behandeling bestond uit chemospoelingen van de blaas. Zes weken lang één spoeling per week. Daarna nog vier keer één spoeling per maand.”

Een chemospoeling gebeurt via een katheter. Voor iedere spoeling wordt de katheter ingebracht via de plasbuis. En na afloop weer verwijderd. Dit gebeurt in het ziekenhuis, maar je mag na de behandeling direct weer naar huis.

“Een chemobehandeling duurde bij mij gemiddeld een minuut of twintig. Het gebeurde zonder verdoving, want dat was niet nodig. De chemovloeistof moest ik tussen de één en twee uur in de blaas houden en daarna uitplassen. Direct daarna moest ik heel veel drinken en dus veel plassen. Dat was de eerste uren wel pijnlijk. Het was een branderig gevoel. De pijn nam bij mij altijd snel af en was na een halve dag goed te verdragen. De dag na de behandeling was plassen nog een beetje gevoelig, meer niet.”